Wat we achterlieten

2 jaar heb ik in een half-rijhuisje met tuintje gewoond dat ik huurde
Ik heb daar echt graag gewoond, het was zelfs een beetje met pijn in het hart dat ik het achterliet.
Vooral de tuin lag me toch wel nauw aan het hart.
toen ik er in de zomer van 2008 introk was het een gazonnetje omzoomt met strak geschoren sparren (eijkes: sparren), een tuinhuis, een mooie krulwilg en verder als enige interessante plant een uit de kluiten gewassen bol struik klimop. (als dat bloeit is dat één gonzende bol insecten)
Verder waren er wat betonplaten en een draad die de tuin scheiden van een oprit naar garageboxen. (daaag privacy)

De kale wintertuin lijkt nog het best op de zomertuin waar ik mee starte.
kale wintertuin

Sommige mensen kunnen geen muziek of boekwinkel passeren zonder iets aan te kopen, ik heb dat met tuinwinkels. En ook als ik planten zie die zaad dragen, ben ik ook al niet te weerhouden om daar wat van “te stelen”
Na twee jaar moest ik dan ook zeggen: ” nee, stop geef mij aub geen stekjes, bollen, zaadjes, takken of planten niet meer mee, ’t staat VOL. Ik weet niet meer waar ik het kwijt moet en mijn huurbaas zal het waarschijnlijk ook al niet zo leuk vinden als ik het gazon omspit.”

het leuke aan die tuin was wel dat er zowat niets was voordien,(in tegenstelling tot nu, waar ik verder moet met wat is) behalve mogelijkheden.
Ook de draadafsluiting was een leuke plaats om bramen, zonnebloemen, reukerwten en clematissen tegen te laten groeien. (en zo wat privacy te krijgen achterin)

In het najaar ga ik nog eens terug om een paar struikjes uit de grond te halen, maar het meeste blijft gewoon achter. ik heb nog geprobeerd om bollen terug uit de grond te halen maar het was toen kurkdroog en dat bleek niet zo goed te lukken. Nadat ik vier halve hyacint bollen in mn handen had, heb ik dat maar opgegeven.
verder stonden er heel wat tulpen, krokussen, sneeuwklokjes die nooit gebloeid hebben, heel veel klaprozen (hybriden, gekweekten, valse en weet ik wat nog meer) korenbloemen, een soort bieslook waar de hommels zo zot van waren, stinkertje zoals wij dat zeggen (oftewel afrikaantjes, panen broekjes, tagettes,..) en natuurlijk ook een vlinderstruik, hoe zou die kunnen ontbreken.
Van die budleja ga ik trouwens terug een struik proberen te stekken, de originele kwam ook van wat gesnoeide takken van een struikje dat zichzelf gezaaid had in de tuin van mijn toemalig werk.

tuin achter

vorige tuin

Het was een klein tuintje, maar ik probeerde er toch een beetje een waardevol stukje natuur van te maken en ik ben al bij al eigenlijk best wel trots op wat ik in die twee jaar heb kunnen doen ermee.

hopelijk mag ik dat binnen twee jaar ook zeggen van mijn gloednieuwe oude eigen tuin

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s